http://www.houseofkata.nl

http://www.askoi.nl

 

http://www.assurantiesite.nl/autoverzekering/

http://www.gdkoi.nl

 

http://www.nipponkoigarden.com

 

 

http://www.nikoi.nl

 

http://www.rbfoto.nl

 

http://www.timmerentimmer.com

http://www.koigate.nl

http://www.timmerentimmer.com


 
 
 

Geen gebeurtenissen deze maand.

ZMDWDVZ



1234
567891011
12131415161718
19202122232425
2627282930

 
Ziektes gedurende het jaar


door Hans Arends afdrukken van het content onderwerp creëren van een PDF bestand van het content onderwerp

Ziektes gedurende het jaar


1. Ziekte problemen in het voorjaar
Er zijn verschillende oorzaken waarom juist in het voorjaar de meeste ziekten de kop op steken. Tot de top vijf ziekten, behoren elk jaar de volgende parasieten: Trichodina, Costia, Witte stip, Chidonella en wormen. De belangrijkste oorzaken voor de ziekten zijn: grote temperatuurschommelingen, de geringe weerstand van de vissen komend vanuit de winter, de water kwaliteit is (nog) niet optimaal, aan- koop van nieuwe vissen die nog geen weerstand op hebben kunnen bouwen en die direct na de winter periode (in Japan) een lang transport achter de rug hebben. Als koiliefhebber heb je boven-staande oorzaken grotendeels zelf in de hand. Hoe je hier op in kunt spelen zullen we hieronder punt voor punt bespreken.

1.1 Temperatuurschommelingen in het voorjaar
Zoals een ieder weet, kunnen we in het voor-jaar prachtige zonnige dagen maar ook koude nachten hebben. Indien er geen verwarmings-systeem op de vijver is geplaatst, zijn de schommelingen in temperatuur afhankelijk van de totale vijverinhoud, de diepte van de vijver en de weersomstandigheden. Wanneer de vijver op een onbeschutte plaats ligt, het volume relatief klein is (minder dan 8.000 liter) en de vijver ook nog ondiep is (minder dan 1meter), kunnen de temperatuur schommelingen in het voorjaar groot zijn. De verschillen in watertemperatuur kunnen hierbij in een dag oplopen tot meer dan 5°C. Er bestaat een directe relatie tussen de sterke temperatuur schommelingen en het optreden van ziekten. In eerste instantie staat het weers tandniveau van de vis in het voorjaar van-wege de gemiddeld lage temperatuur (6-14°C)nog op een laag pitje. Wanneer hier temperatuur stress aan wordt toegevoegd komt de weerstand op een nog lager niveau. Met temperatuur stress bedoelen we, ofwel een verhoging van 3°C of meer per dag, ofwel een verlaging van 5°C of meer per dag. Met name de verhoging in temperatuur levert problemen op. Het zuurstofverbruik gaat snel omhoog ter-wijl de opname hierbij achterblijft. Dit leidt dan tijdelijk tot zuurstofgebrek waardoor onder andere de afweer functies niet optimaal functioneren. De parasieten daaren tegen passen zich veel sneller aan en worden dus direct actiever. Deze combinatie leidt in veel gevallen tot aantastingen door parasieten. Uit het voorgaande zijn ook direct de acties te halen om de verhoogde gevoeligheid voor de aantastingen te beperken: voldoende diepe vijver (mini-maal 1,2 meter), voldoende watermassa (des te groter des te beter), voldoende beschutting zodat de wind minder invloed heeft en een gematigde pompsnelheid (minder snelle opwarming en afkoeling). De beste oplossing is natuurlijk het aan-leggen van een verwarmingsysteem zodat u de temperatuur geheel zelf in de hand heeft.

1.2 Geringe weerstand komend vanuit de winter
De weerstand van de vis in het voorjaar is afhankelijk van de duur van de winter periode en de conditie waaronder de vis de winter is ingegaan. Gedurende de winter periode is de activiteit weliswaar minimaal, maar deze kost toch energie. De uitgangs positie van de energie voorraad en de duur van interen van deze voorraad bepaald of er nog voldoende weerstand kan worden geboden in het voorjaar. Verder mag de vijver in de winter niet dichtgevroren zijn. Als schadelijke gassen (rotting) niet kunnen ontsnappen, zal dit zijn negatieve weerslag hebben op de conditie van de vissen. Onder normale gemiddelde condities waarbij de vissen goed doorvoed en ziektevrij de winter ingaan, is de energie reserve in het voorjaar nog ruim voldoende en hoeft men zich geen zorgen te maken. Zorg dus dat aan deze twee voorwaarden wordt voldaan.

1.3 De waterkwaliteit is nog niet optimaal
In het voorjaar staan alle liefhebbers bij de eerste zonnige dag weer te trappelen om met het voeren te starten. Het opstarten van het nieuwe seizoen moet echter, hoe moeilijk dit ook is, rustig aan gebeuren. Het filter moet weer worden opgestart en de waterwaarden in de vorm van pH, KH en GH moeten na de meestal regenachtige periode weer op peil worden gebracht om zowel voor de vissen als het bacterieleven weer een goed milieu te scheppen.

De pH is van belang voor allerlei biologi-sche processen die optimaal verlopen in een bepaald pH-traject. Hier moet je denken afbraak processen /omzettings processen van organisch materiaal, van ammoniak en nitriet in o.a. CO 2, H2O (uit organische CHO verbin-dingen), en nitraat (eindproduct van bacteriële omzetting van ammoniak en nitriet). Wanneer de pH waarde niet binnen het gewenste traject valt (bij voorkeur tussen de 7 en 8,5) of teveel schommelt zullen de afbraak en omzettings processen slecht verlopen met als gevolg ophoping van schadelijke afvalstoffen. De KH zorgt in dit geval voor de stabiliteit van de pH.

De KH ofwel carbonaathardheid functioneert als buffer en compenseert de zure delen die gevormd zijn als gevolg van de CO2productie in een vijver. CO2 wordt gevormd door vissen en planten ('snachts) doordat energie (energierijke CHO ver-bindingen zoals suikers) wordt verbruikt en wordt omgezet in C en H 2O (in water wordt dit omgezet in HCO 3- en H+). Wanneer deze H+ ionen niet worden geneutraliseerd kan de pH sterk gaan dalen. Bij aanwezigheid van planten en algen gebeurt overdag het omgekeerde: CO 2 wordt opgenomen door de planten en de algen. De pH zal dan weer gaan stijgen. U kunt zich voorstellen dat bij ontbreken van voldoende buf-fercapaciteit, de pH onder invloed van het biologisch leven alsook de zuurwerkende regen sterk gaat schommelen.

De GH staat voor gezamenlijke hardheid en heeft als belangrijkste elementen Calcium en Magnesium. Beide elementen worden door de vissen beter uit het water opgenomen dan uit het voer. Calcium is met name van belang voor de vorming van het skelet (graat) en de schubben. De tweede stap is het bacterieleven weer te activeren (eventueel extra bacteriën toevoegen).
Activeren van bacteriën vindt plaats door stijging van de temperatuur, toedienen van extra zuurstof en het aanbieden van voer. Wanneer in de beginfase (geldt ook voor nieuw aangelegde vijvers) teveel wordt gevoerd, worden de bacteriën overvoerd met afvalstoffen en zal de water kwaliteit snel teruglopen. Nitriet en ammoniak zullen meetbaar worden en de vissen zullen in dit slechtere milieu gevoelig worden voor parasieten. Dit proces geldt met name voor degenen die in de winter het filtersysteem afzetten in verband met vorstschade dan wel teveel afkoeling van het vijverwater.

Belangrijk is dus om de waterwaarden op peil te brengen en de hoeveelheid voer af te stemmen op de activiteit van de bacteriën in het filter-systeem. Controleer dit met behulp van de nitriet en ammoniak testsets die bij elke dealer te verkrijgen zijn. Voeg zonodig extra nitrificerende bacteriën toe en verminder het voeren wanneer ook maar enig nitriet of ammoniak wordt gemeten.

1.4 Aankoop nieuwe vissen
De meeste landen waar de Koi vandaan komen hebben net zoals Nederland met een winterpe-riode te maken. In dit voorbeeld richt ik me op de aankoop van Japanse Koi. De winterperiode in Japan duurt van december/januari tot maart/april. De eerste vissen worden direct na de winterperiode gevangen en geëxporteerd naar onder andere Nederland. U kunt zich voorstellen dat de vissen dan relatief zwak zullen zijn. De energie reserve is afgenomen en de vissen zijn gestresst door het transport. Veelal is dan in Nederland een quarantaine periode van vier weken noodzakelijk om de vissen weer op krachten te laten komen.

Naarmate de vissen langer in Japan zitten en ze inmiddels meer gesterkt zijn door het voeren, zullen de aanpassingsproblemen in Nederland
afnemen en volstaan quarantaine periodes van twee tot drie weken. Voor landen met kortere of geen winterperiodes geldt ook een quarantaine periode van twee tot drie weken. Let bij de aankoop van Koi dus op dat je goed geacclimatiseerde vissen koopt (geldt voor het gehele jaar) en geen vissen die én zojuist een winter én het transport achter de rug hebben.

1.5 Toch nog ziekteproblemen?
Ondanks dat alle voorzorgsmaatregelen zijn genomen, kunnen zich toch nog problemen voordoen. Belangrijk is dan om de problemen tijdig te onderkennen en een goede diagnose te laten stellen zodat je een gerichte bestrijding uit kunt voeren. Bij het tijdig herkennen zijn de volgende uiterlijke kenmerken belangrijk:
  • de vis komt goed eten en is actief (is dus niet lusteloos en blijft niet afgezonderd van de rest van de vis);
  • de vinnen staan uit en zijn niet voortdurend tegen lichaam het geknepen;
  • er zijn geen wondjes zichtbaar (let bij het voeren ook op de buikzijde);
  • de vissen flitsen of schuren niet;
  • de kleuren zijn helder en er is geen witte film (overmatige slijmproductie) op het lichaam aanwezig.

Als er afwijkingen in gedrag worden waargenomen, is het zaak zowel de waterkwaliteit te (laten) controleren op ammoniak en nitriet en een (of meerdere) vis door middel van een microscopisch onderzoek te laten controleren op parasieten. Op basis van uiterlijke kenmerken of afwijkingen kun je wel zien of de vis ziek is, maar zelden door welke ziekte de vis is aangetast. Aantastingen door parasieten uiten zich vaak in soortgelijke symptomen zoals hier-boven vermeld. Het advies is dan ook nooit
alleen op basis van uiterlijke symptomen een bestrijdingsmiddel toe te passen!! Laat ook altijd een afstrijkje maken van de vis zodat je weet wat de oorzaak is en gericht een bestrijding kan uitvoeren. Geef hierbij ook aan wat voor soort vijver/filter je hebt zodat de toepassing van het middel hierop kan worden afgestemd. Bij toe-passen van een onjuist middel of op onjuiste wijze kan de ziekte zelfs verer-geren. Hier geldt niet het spreekwoord: baat het niet dan schaadt het niet.

2. Ziekte problemen in de zomer
Er zijn verschillende oorzaken waarom in de zomer, ondanks de goede condities toch nog problemen ont-staan. Ook in deze periode vinden we in de top vijf van voorkomende ziekten, weer de volgende parasieten: Trichodina, Costia, Witte stip, Chidonella en wormen. Verder komen ook steeds meer bacterieproblemen voor in de warmere maanden. De belangrijkste oorzaken voor de ziekten zijn: wisselingen of aanvullingen in het visbestand zonder quarantaine, te korte quarantaineperiodes bij de dealers na transport, de hogere tem-peraturen, slechte kwaliteit voer en slechte waterkwaliteit. Evenals bij het ontstaan van ziekten in het voorjaar, heb je hier zelf een invloed op. Punt voor punt zullen we genoemde oorzaken voor de ziekte problemen bespreken en aangeven welke invloed je hier zelf op hebt.

2.1 Wisselingen of aanvullingen visbestand zonder quarantaine
Het nieuwe aanbod dat in het voorjaar en zomer weer bij de dealers zit, nodigt elk jaar weer uit tot vervanging of bij-kopen van een of enkele Koi. Na aankoop van de nieuwe Koi wordt deze in veel gevallen direct bij het bestaande bestand geplaatst. Er kunnen in dat geval drie dingen gebeuren:
  • Niets; de nieuwe Koi doet het goed en draagt geen ziektekiemen over op het bestaande bestand en andersom vindt ook geen overdracht van ziekte kiemen plaats;
  • De nieuwe Koi is/wordt binnen enkele weken zichtbaar ziek; de Koi was bij aankoop al besmet maar vertoonde nog geen
    afwijkingen of de nieuwe Koi is niet bestand tegen de aanwezige hoeveelheid parasieten in de vijver terwijl het oude bestand hiermee in evenwicht leeft;
  • Het oude bestand wordt na introductie van de nieuwe Koi ziek; de nieuwe Koi brengt ziekte-kiemen mee die geen onderdeel uitmaken van het bestaande evenwicht of het verstoord het even-wicht in het voordeel van de ziektekiemen. In de meeste gevallen is/wordt de nieuwe Koi ook ziek. Elke keer als je nieuwe Koi introduceert in je vijver bestaat dus de kans dat er een ziekte ontstaat.

Er zijn verschillende manieren om dit risico tot een minimum te reduceren:

  • Koop Koi waarvan je zeker weet dat ze een quarantaine periode in Nederland achter de rug hebben (2-3 weken); in de meeste gevallen zijn de Koi dan behandeld tegen vrijwel alle veel voorkomende parasieten;
  • Zorg bij je thuis voor een quarantaine systeem om de Koi de overgang naar je eigen vijver te laten ondergaan. Vul het quarantaine systeem meer en meer met water uit de vijver waar de Koi uiteindelijk in terecht komt om zodoende te kijken of de nieuwe Koi of wel zelf een ziekte met zich meedraagt ofwel ziek wordt van het bestaande vijver water. Indien er zich na ongeveer vier weken geen problemen hebben voorgedaan en de nieuwe Koi minimaal drie weken in het vijverwater hebben vertoeft, kun je de nieuwe aanwinst overzetten naar de vijver; indien er zich wel ziekte problemen voordoen kun je deze in het quarantaine systeem behandelen.
  • Als je geen quarantaine systeem tot je beschikking hebt, kun je de nieuwe Koi een dompel behandeling laten ondergaan om eventueel aanwezige para-sieten te doden. In dit geval kun je een dompelbe-handeling van 20 minuten in een zout oplossing (20 gram jodiumvrij zout per liter water en goed beluchten) uitvoeren òf een dompel behandeling van 4 minuten in een kaliumpermanganaat oplossing (1 gram op 10 liter water en goed beluchten). De eerste dompeling is effectief tegen wormen, Trichodina, Costia en Chidonella, maar niet tegen witte stip. De tweede behandeling is effectief tegen met name Trichodina en Costia. Het mag duidelijk zijn dat van de voorzorgs maatregelen het quarantaine systeem de voorkeur geniet boven de dompel behandelingen.

2.2 Te korte quarantaine periode bij de dealer
De transport fase van de import koi vormt tijdelijk een zware aanslag op de weerstand van de Koi. Gemiddeld zijn de Koi vanuit Japan zo'n 30 uur onderweg. Om de Koi te laten herstellen van de reis, is een periode van twee tot vier weken (afhankelijk van het seizoen) noodzakelijk. Als deze periode te kort is en de Koi wordt eerder verkocht / gekocht, bestaat de kans dat de Koi nog een ontwikkelende parasieten aantasting met zich meedraagt terwijl de weerstand nog op een laag niveau staat. Deze kan dan worden overgedragen op de bestaande populatie van de koiliefhebber. Bij aankoop van de Koi is het dus altijd raadzaam om na te gaan of de quarantaine periode bij de dealer voldoende lang is geweest. Reserveren biedt dan vaak nog een mogelijkheid om de specifieke Koi op een later en beter tijdstip op te halen.

2.3 Hogere temperatuur:
Niet alleen de weerstand van de Koi maar ook de activiteit van de parasieten/bacteriën ligt op een hoger niveau bij de hogere zomer temperaturen. Situaties van stress zullen de weerstand ook in de zomer verminderen, terwijl de parasieten actiever zijn. Gevolg is dat een ziekte zich in de zomer maanden onder stress condities sneller zal ontwikkelen. Onder normale condities is de weerstand van de Koi in de zomer maanden (water temperatuur 15-22°C) voldoende om parasieten te weerstaan.

Ten aanzien van bacteriën ligt het verhaal iets anders. Een aantal van de bacterie soorten vormen juist bij hogere temperaturen een probleem. Een bekend voorbeeld hiervan is de gatenziekte veroorzaakt door Aeromonas salmonicida (ook wel Furunculosis genoemd). Deze ziekte uit zich met name (onder stresscondities) bij temperaturen van 22°C en hoger. Duidelijk moet inmiddels wel zijn dat stress condities te alle tijden vermeden moeten worden en zeker in de zomer maanden omdat dan de ontwikkeling van de ziekten zeer snel gaat. Te laat waar nemen /i ngrijpen kan dan al verlies van één of enkele Koi betekenen.

2.4 Slechte voeding:
Zoals uit voorgaande onderdelen blijkt, is de weerstand van de Koi een van de belangrijkste wapens tegen ziekten. Het functioneren van deze weerstand is sterk afhankelijk van het voer dat wij de Koi geven. Voer met weinig vitaminen zal zeker tot een verlaagde weerstand leiden. Met uitzondering van de vitaminen is vaak zeer gebrekkig vermeld hoe het voer is opgebouwd. Bij de aankoop van voer in relatie tot ziekten moet men letten op de volgende onderdelen:
  • Is het geschikt voor het jaargetijde (wheatgerm voor koudere periodes en eiwitrijke / groeizamevoeren voor de zomerperiode);
  • Bevat het voldoende vitaminen (in veel gevallen staat dit gespecificeerd op de verpakking;
  • Bevat het voer nog andere toevoegingen die de weerstand verhogen (bijv. spirulina en / of ß-glu-canen);
  • Let op de houdbaarheids datum en koop geen door zichtige verpakkingen (licht breekt vitaminen af!)

2.5 Stress condities, wat zijn dit nu eigenlijk?
Het begrip stress condities hoor je vaak en is ook al verschillende malen in dit artikel vermeld. Maar wat wordt hier nu precies onder verstaan? Met stress bij Koi wordt bedoeld dat de weerstand van de vis is verminderd door slechte omgevings factoren. De slechte omgevings factoren die leiden tot stress zijn o.a.:
  • Lang transport (leidt veelal tot giftig water, denk aan ammoniak / nitriet en tot zuurstofgebrek in de transportzak).
  • Slechte waterkwaliteit in de vijver; giftig water door nitriet en ammoniak of andere gifstoffen,schommelende pH waarden (te lage KH), lang durig gebrek aan calcium (te lage GH).
  • Sterk wisselende watertemperaturen (zie ook voorjaars artikel).
  • Sterk wisselende waterkwaliteit (te snel overzetten naar ander water, ondanks dat dit ook goed water kan zijn).
  • Achter de vissen aanjagen om wat voor reden dan ook.
  • Verstoren van winterrust (kan leiden tot hart stilstand).
  • Gebrekkig voer (te oud of te weinig vitaminen).

Het betreft hier veelal omgevings factoren waar je zelf als koiliefhebber de meeste invloed op hebt. De enige factor die je niet in de hand hebt is de transport fase bij importkoi. Door een voldoende lange quarantaine periode bij de koidealer en eventuele behandelingen tegen parasieten is ook deze stressfactor te beheersen. Teneinde de weer stand van de vis op een zo hoog mogelijk niveau te houden moet men te allen tijde proberen deze stress condities te vermijden.

2.6 Toch nog ziekteproblemen?
Ondanks dat alle voorzorgsmaatregelen zijn genomen, kunnen zich toch nog problemen voor doen. Belangrijk is dan om de problemen tijdig te onderkennen en een goede diagnose te laten stellen zodat je een gerichte bestrijding uit kunt voeren. De belangrijkste kenmerken van de vis waarop men moet letten zijn in het voorjaars atikel opgesomd.

Bij het signaleren van afwijkingen in gedrag,is het zaak zowel de waterkwaliteit te (laten) controleren op ammoniak en nitriet en tevens een vis voor microscopisch onderzoek te laten onderzoeken op parasieten. Bij bacterie aantastingen is het raadzaam om vast te laten stellen welk middel werkzaam is tegen de bacterie alvorens allerlei preparaten toe te gaan passen. Door de snelle veranderingen in de bacterie stammen komt ongevoeligheid voor gangbare preparaten veelvuldig voor en kan kostbare tijd verloren gaan door toepassing van niet werkzame middelen.

3. Ziekteproblemen in het najaar
De belangrijkste oorzaken voor de ziekten zijn evenals in de zomermaanden: wisselingen of aanvullingen in het visbestand zonder quarantaine, te korte quarantaine periodes bij de dealers na transport, de hogere temperaturen, slechte kwaliteit voer en slechte waterkwaliteit. Hoe hiermee om te gaan, is inmiddels in het vorige artikel besproken. In dit artikel wil ik wat specifieker op de parasieten zelf ingaan. In eerste instantie op de parasieten die zichtbaar zijn met het blote oog en karperpokken. In het volgende artikel zal dan in detail worden ingegaan op de ziekteverwekkers die niet met het blote oog zichtbaar zijn.

3.1 Met welke parasiet heb je te maken?
Ga bij het beoordelen van ziekten nooit alleen af op het uiterlijk van de vis, tenzij de ziekte verwekker met het blote oog zichtbaar is. Op basis van alleen symptomen zoals een wondje of witte waas is niet te zeggen welke parasiet de problemen veroorzaakt en dus ook niet welk middel je hier tegen in moet zetten. Laat altijd, in het geval de ziekteverwekker niet met het blote oog zichtbaar is, een uitstrijkje voor microscopisch onderzoek maken alvorens een middel toe te passen. Op deze manier kun je een gerichte bestrij- ding toepassen zonder de vissen en het vijvermilieu met andere niet effectieve middelen te belasten. Wanneer met behulp van een microscopisch onderzoek is vastgesteld welke parasiet de problemen veroorzaakt, kun je gericht aan de gang. Bij het ontbreken van parasieten (en een goede waterkwaliteit) dient een controle op bacteriën plaats te vinden waar tevens wordt bepaald welke middelen effectief zijn tegen de gevonden bacterie.

In aansluiting op het zomer artikel komt nu het najaar aan bod. Evenals in de zomermaanden zijn in het najaar in zijn algemeenheid minder problemen te verwachten.Deze periode is met name belangrijk om de vissen voor te bereiden voor de wintermaanden. Indien er nog behandelingen zijn uit voeren, dient men rekening te houden met de (lagere) temperaturen. Ook in deze periode vinden we in de "top 5 ziekten" weer de volgende parasieten: Trichodina, Costia, Witte stip, Chidonella en wormen. Verder komen ook bacterie problemen voor in deze periode, waarvan gatenziekte, vinrot en waterzucht of "dropsy" de meest bekende zijn.

3.2 Voorbereiding voor de winter:
Omdat de temperaturen in het najaar terug gaan lopen en de werking van bestrijdingsmiddelen ook minder wordt of zelfs in zijn geheel niet werken bij lage tem-peraturen, is het noodzakelijk eventuele ziekten te bestrijden voordat de watertemperatuur onder de 12°zakt. Voor bestrijding van bacteriën geldt in veel gevallen zelfs een minimum temperatuur van 15°C. Koop geen vissen meer in het najaar (watertemperatuur lager dan 10°C) die niet goed doorvoed zijn. Deze zullen de winterperiode moeilijk doorstaan vanwege de geringe reserves. Hierbij komt nog dat eventuele ziekten die zich ontwikkelen bij deze temperaturen moeilijk te bestrijden zijn. Indien je toch vissen in deze periode koopt, plaats deze dan in een quarantaine systeem bij hogere temperaturen (hoger dan 15°C), zodat je deze reserves aan kunt vullen middels bij voeren. Indien de vijver wordt verwarmd, is het niet doorvoed zijn minder van belang omdat je dan in de winter door kunt voeren en de reserves nog aan kunt vullen.

Teneinde de vissen goed de winter in te laten gaan, is het raadzaam om bij een watertemperatuur van ±13°C een controle op parasieten uit te laten voeren, om eventuele problemen nog tijdig aan te pakken en de vissen schoon de winter in te sturen. Uit het voorgaande kunt u opmaken dat een goede thermometer onmisbaar is voor de echte koi liefhebber. Zoals uit dit artikel is gebleken is het aantal problemen dat met het blote oog herkenbaar is, slechts gering. De meeste problemen worden veroorzaakt door organismen die niet met het blote oog zichtbaar zijn en waarvan de gevolgen (symptomen) niet zo eenduidig zijn dat je aan de hand hiervan kunt zeggen: "Die vis heeft Trichodina of wormen". Voor het vaststellen van de meeste oorzaken voor ziekten is een microscopisch onderzoek dan ook onmisbaar.


4. Uitwendig zichtbare ziekteverwekkers/ziekten

4.1 Karperluis
Karperluis is met het blote oog zichtbaar en behoort tot de groep van Arthropoden. Van deze groep zijn nog veel meer soorten bekend. Met uitzondering van de ankerworm (zie hieronder) spelen de overige soorten geen rol van betekenis bij Koi en worden daarom niet behandeld. Het volwassen stadium van de kar-perluis heeft een afmeting van enkele millimeters tot ±1 cm. De luis injecteert een gif in de vis met behulp van een stekel. Jonge vissen kunnen door dit gif direct worden gedood. Oudere meer volwassen vissen kunnen beter tegen dit gif en kunnen in sommige gevallen tientallen karperluizen meedragen zonder dat er sterfte optreedt. De luis kent drie stadia: volwassen luis, ei en juveniele (jonge) luis. Het uitkomen van de eitjes duurt 10-50 dagen afhankelijk van de temperatuur. Ingrijpen is noodzakelijk, omdat ook een volwassen vis uiteindelijk gedood zal worden door de ophoping van de gifstoffen in het lichaam. De kar-perluis zelf voedt zich tijdelijk op de vis, laat dan los en gaat op zoek naar een volgend slachtoffer. De luis kan 3 weken in de vijver overleven zonder gastheer. De verwondingen die achter blijven na een steek van een karperluis vormen invalspoorten voor schimmels en bacteriën. Het is dus verstandig zo snel mogelijk in te grijpen om zodoende het aantal infecties te beperken.



Bestrijding van karperluis:
De karperluis op de vis kan worden bestreden middels een zoutbad (20 minuten in 20 gram jodiumvrij zout/liter met beluchting; eventueel herhalen). De luis droogt door het hoge zoutgehalte uit en sterft. Deze methode is echter niet bruikbaar voor bestrijding van karperluis in de vijver. Dit omdat herbesmetting optreedt zodra de vis wordt teruggezet. Bestrijding van de luis in de vijver kan plaatsvinden met behulp van Trichloorfon (0,25 g per 1000 liter); de behandeling dient nog drie keer te worden herhaald om de jonge luizen (uitgekomen eitjes) ook te doden. Bij 15-20°C wordt de behandeling wekelijks uitgevoerd. Omdat het hier een middel betreft dat geen effect heeft op de bacteriën kan met mate worden doorgevoerd en kan de filter doordraaien. De UV dient bij toepassen van bestrijdingsmiddelen altijd uit te staan omdat deze straling het middel inactief kan maken. Het zelfde geldt voor ozonapparatuur. Eventueel aanwezige zeoliet of actieve kool dient uit het filter worden verwijderd en te worden behandeld in zout (zie hierboven). De zeoliet kan pas na de volledige kuur worden teruggeplaatst in het filter (zeoliet bindt name-lijk medicijnen).

Uw browser kan dit bestand niet lezen! <br />
Uw browser kan dit bestand niet lezen! <br />
4.2 Ankerworm:
Ankerwormen zijn één van de meest beruchte parasieten die onze vissen kunnen aanvallen. Er zijn verschillende soorten ankerwormen en hun levenscyclus duurt een 20- tot 3O-tal dagen. De temperatuur bepaalt de duur. Een volwassen ankerworm op een vis kan tot 2 cm groot worden, afhankelijk van de soort.
Ankerwormen worden vaak verward met bloedzuigers. Bloedzuigers kleven echter op de huid terwijl de ankerworm met het lijf in het water hangt.
Ankerwormen in de vijver kunnen worden veroorzaakt door nieuwe planten, vissen of water van elders.

De ankerworm behoort evenals de karperluis tot de groep van Arthropoden. De ankerworm kent ook meerdere stadia: de volwassen ankerworm, eitjes en larvenstadia. Ankerwormen dringen door tot onder de schubben en verankeren zich daar. Ook op andere plaatsen van de vis (bijvoorbeeld op de vinnen of kieuwen) kan men ze vinden. De ankerworm blijft op de vis aanwezig totdat
deze sterft. De lengte van de ankerworm bedraagt maximaal 1 cm. De ankerworm leeft van de bloedsappen en verzwakt op deze manier de vis.



Bestrijding van de ankerworm:
De bestrijding is identiek aan de bestrijding van karperluis. De vijver behandeling met Trichloorfon dient 4 keer achtereen te worden uitgevoerd (eens per week bij 15-20°C) omdat niet alle stadia gevoelig zijn voor het middel (larven zijn niet gevoelig en moeten dus eerst ontwikkelen alvorens ze kunnen worden gedood door het middel). Voeren en filteren mag doorgaan. De UV evenals aanwezige ozonapparatuur moet tijdens de behandeling worden uitgezet. Zeoliet dient gedurende de kuur weer uit het systeem verwijderd te worden en te worden behandeld met zout.

4.2.1 Lernea:
Huidwormen (0.3-0.5mm) hechten zich met haken in het huidweefsel vast. De huid van de vis reageert hierop door slijmtoename. De vissen gaan schuren en flitsen, kunnen vermageren en verkleuren. Huidwormen nemen snel in aantal toe omdat ze levendbarend zijn en geen tussengastheer nodig hebben. Ook bij huidwormen geldt dat de huidbeschadiging een secundaire bacteriële infectie tot gevolg kan hebben. Huidwormen onderscheiden zich bij een huidafstrijkje van kieuwwormen omdat de jonge wormen duidelijk te zien zijn in de ouderdieren. Vaak zijn onder de microscoop de haken zeer makkelijk waarneembaar. Met een geringe vergroting van 100x zijn de wriemelende wormen duidelijk zichtbaar.



4.3 Schimmel
Schimmels zijn altijd in de vijver aanwezig en zijn over het algemeen nuttige helpers in het afbreken van dood organisch materiaal. Schimmels kunnen een gezonde vis niet aantasten en kunnen dus ook nooit in directe zin een oorzaak voor een ziekte zijn. Schimmelaantasting treedt pas op wanneer de huid beschadigd is (door vangen, schuren, op de kant springen, vorstschade etc.) of wanneer er een andere parasiet aanwezig is die wonden veroorzaakt. Schimmel aantastingen treden vanwege het verband met een verlaagde immuniteit van vissen meer bij lagere temperaturen op. Schimmels zijn herkenbaar aan het witte draadachtige pluis dat zich vanuit een onderliggende wond ontwikkelt.

Bestrijding van schimmel:
Bestrijding van schimmelaantasting leidt alleen tot een oplossing wanneer tevens de oorzaak van de ver-wondingen wordt weggenomen / bestreden. De bestrijding is dan simpelweg uit te voeren met een vijver behandeling van Formaline en Malachietgroen. Volle advies dosering op dag en herhalen op dag 3 of 4. De vijver dient belucht te worden en de filter moet worden uitgezet (anders wordt malachiet vastgelegd in het fil-termateriaal tenzij er alleen filtermateriaal zoals borstels en kunststof producten worden gebruikt). Het filter moet worden belucht, in zichzelf draaien of worden afgetapt, om dood water (afsterven van de filter bacteriën) te voorkomen en weer gevuld en aangezet na 1 week. Indien er een parasiet bij betrokken is die de wonden veroorzaakt moet eerst deze worden bestreden alvorens men de (secundaire) schimmel aanpakt. Indien de parasiet is bestreden kan de schimmel ook worden bestreden door enkele dompelingen in een zoutbad uit te voeren (elke 2 dagen 10 minuten in 20 gram jodiumvrij zout/liter met beluchting; maximaal 3 keer).

4.3.1 Saprolegnia:
Deze schimmel is een echte waterschimmel hij kan in alle zoetwatersystemen gevonden worden. Normaal leeft hij van rottend dierlijk afval, maar hij kan ook op levende dieren leven waarvan het immuunsysteem verzwakt is. Deze schimmel heeft perse water nodig om zich te kunnen voortplanten. Nadat men een huidafstrijkje heeft genomen van een vis met "vlokken"kan men onder de microscoop schimmeldraden zien die in hun uiteinde vele sporen bevatten.



Symptomen:
Op de huid van de vissen kan men witgrijze wattenachtige pluisjes of vlokken zien. Soms kan men op de kieuwen necroseplekken vinden met daaraan witte vlokken.

Behandeling:
Bij de behandeling moet men altijd de primaire oorzaak aanpakken. Raadpleeg voor advies een deskundige. De schimmels zijn vaak goed te behandelen als men niet te lang wacht, zodat ook de kieuwen beschadigd zijn. Zoek de primaire oorzaak in parasieten, waterkwaliteit, voer en overbevolking.

4.3.2 Kieuwrot:
De veroorzaker van kieuwrot kan branchiomyces sanguinis of branchiomyces demigrans zijn. Deze schimmels komen alleen op de kieuwen voor. Daar groeit de schimmel in de richting van de bloedbaan en zorgt voor een verstopping van de bloedvaten van de kieuwen. Hierdoor krijg je een bloedstuwing met als gevolg een afsterving van het achterliggende kieuwweefsel.
Deze ziekte ziet men over het algemeen alleen in de zomer waarbij de temperatuur boven de 20°Celsius uitkomt en waar een hoge bezetting met vis is (overbezetting). Microscopisch zijn grote schimmeldraden te zien met daarin veel sporen.

Symptomen:
Slome vissen, die niet eten. Op de kieuwen is veel necrose te zien met roodbruine verkleuring.



Behandeling:
Ook hierbij geldt dat eerst naar de primaire oorzaak gezocht moet worden. Denk hierbij aan de waterkwaliteit, parasieten, voerkwaliteit, veel organisch materiaal en watertemperatuur. De behandeling van de schimmel is niet eenvoudig aangezien hij alleen op de kieuwen voorkomt. Raadpleeg een deskundige om advies. Wacht niet te lang met ingrijpen want dit kan de vissen het leven kosten.

4.3.3 Dermocystidium:
Uitwendig zijn over het hele lichaam cysten te vinden. In deze cysten zitten buisvormige draden die veel sporen bevatten. Om deze draden te vinden moet men een drukpreparaat maken. Uitval door deze schimmel wordt niet gezien. Ook niet alle dieren raken geïnfecteerd.
Uw browser kan dit bestand niet lezen! <br />
Behandeling:
Hiervoor is nog geen behandeling mogelijk. Wat men zou kunnen doen is het volgende: de hele vijver leeg vissen, droogleggen en desinfecteren. De zieke vis apart houden van de rest. Raadpleeg een deskundige om advies.

4.3.4 Ichthyophonus:
Deze schimmel komt zeer zelden voor bij de koi want het is eigenlijk een ziekte die bij zoutwater-zeevissen voorkomt. Echter de laatste jaren ziet men toch meerdere uitbraken bij zoetwatervissen. De ziekte wordt gekenmerkt door een gegeneraliseerde chronische granulomateuze ontsteking. Het beeld lijkt op vistuberculose. In alle organen kan men sporen vinden. Na de dood ontstaan pas schimmeldraden.



Symptomen:
De symptomen die bij de koi gezien zijn, zijn de volgende: rode speldenknop- tot erwt-vormige kuiltjes in de huid. Het dier at iets minder maar was voor de rest gezond.

Behandeling:
Een behandeling is onbekend. Men moet proberen de bron van infectie te achterhalen. Raadpleeg hiervoor een deskundige.
Bij deze gevallen vermoedt men een infectie via de voeding. Aangezien koivoer vaak vismeel bevat is de kans op infectie via besmet voer aanwezig.

4.4 Algen:
Een algenaantasting treedt eveneens op wanneer de vis verwondingen heeft opgelopen. Algen veroorzaken zelf geen ziekte problemen. Wanneer de oorzaak van de verwonding is bestreden, kan de alg op dezelfde wijze worden betreden als een schimmel aantasting.

4.5 Karperpokken:
Karperpokken zijn het gevolg van een virus aantasting die zich met name uit bij de overgang van de koude naar de warmere periode. In deze fase is het immuun systeem van de vis nog niet actief; voor het virus is een temperatuur van 10-14°C echter voldoende om al actief te worden. Het virus kan lange tijd inactief in de cellen van vis aanwezig zijn. Op momenten van stress en de overgang van koud naar warm kunnen de virussen dan actief worden en pokken veroorzaken. Karperpokken zijn besmettelijk maar niet dodelijk. Overdracht vindt plaats via contact tussen de vissen en ook via het water. Aanwezigheid van open wonden vereenvoudigd de overdracht.

Bestrijding van de karperpokken:
Er zijn geen bestrijdings middelen voorhanden waar mee virussen kunnen worden bestreden. Virusinfecties kunnen alleen worden voorkomen middels vaccinatie (evenals bij het griepvirus). Vaccinatie tegen karperpokken vindt echter niet plaats bij vijvervissen. Praktijkervaring leert echter dat de karperpokken ook kunnen worden bestreden middels het eigen immuun systeem van de vis. Door de temperatuur langzaam omhoog te brengen naar 27°C en deze temperatuur ± 2 weken aan te houden kan het immuun systeem dermate worden geactiveerd dat de karperpokken in zijn geheel worden teruggedrongen. In de meeste gevallen komen deze dan ook niet meer terug.



Ziekteproblemen in het voorjaar: geschreven in maart 2001
waardoor er wijzigingen kunnen zijn in bestrijdings methodieken
Voor behandeling raadpleeg een specialist

-url-
Voor behandeling raadpleeg een specialist

Koieagle alle rechten voorbehouden.



Deze artikelen moeten nog worden uitgezocht voor onder "ALGEN":
-url-
-url-
-url-
-url-
-url-
-url-