http://www.houseofkata.nl

http://www.dakenwandcenter.nl

 

http://www.assurantiesite.nl/autoverzekering/

http://www.gdkoi.nl

 

http://www.nipponkoigarden.com

 

 

http://www.nikoi.nl

 

http://www.rbfoto.nl

http://www.rr-koi.nl

http://www.timmerentimmer.com

http://www.koigate.nl

http://www.askoi.nl


 
 
 

Geen gebeurtenissen deze maand.

ZMDWDVZ






1
2345678
9101112131415
16171819202122
23242526272829
 
Geschiedenis van de Koi


door Gerrit Arends afdrukken van het content onderwerp creëren van een PDF bestand van het content onderwerp

Waar komt de naam koi vandaan?
Meer dan 2000 jaar geleden kreeg deze vis zijn naam in China. In de Chinese taal betekende het woord koi een mooie vis met een goed verdeeld schubbenpatroon. Later ontstond dan het woord nishikigoi of gekleurde karper.


Definitie en oorsprong van koi:
Nishikigoi is de algemene benaming voor gekleurde karpers afkomstig uit Japan. De vele prachtige koivariëteiten die we kennen, stammen allemaal af van de zwarte vis die bekendstaat onder de naam Magoi. Historici zijn het erover eens dat het originele geboorteland van de koi Perzië was, het huidige Iran. Ongeveer 1000 jaar geleden werd de vis naar Japan overgebracht via landen als China en Korea. In die tijd bezaten ze nog niet die mooie kleurenpracht. Het waren de Japanners die door zorgvuldige selectie, aan de basis lagen van de huidige kleurschakeringen en ze zorgden ook voor de verdere uitbouw van de verschillende soorten.

Ontstaan en ontwikkeling:
Hoewel de eerste vermeldingen van koi (toen nog Magoi of karper) meer dan 2000 jaar oud zijn, is het kweken van koi van veel recentere datum. In eerste instantie werd de koi in Japan gekweekt als aanvulling van hun rijstmaaltijden omdat in de winterperiode het Niigata-district onbereikbaar was geworden door de soms wel 6 meter dikke sneeuwlaag. Op een dag werd een gekleurde mutant gevonden tussen de gewone karpers op de visvijver. Het ging hier hoofdzakelijk om rode, witte en gele koi. Later trachtten kwekers de variëteit te vervolmaken en met eindeloos geduld slaagden ze uiteindelijk in hun opzet. Soorten als Kohaku, Asagi (lichtblauw) en Bekko (wit gespikkeld) waren latere aanwinsten. Ze verkochten deze nieuwe soorten aan hogere prijzen omwille van de interesse en de populariteit bij het gewone volk.

Veel van de variëteiten die we tegenwoordig kennen, waren tegen het eind van de l9de eeuw bekend. Pas in de 20ste eeuw werd het houden van koi een populaire hobby. De aanleg van wegen en spoorwegen, en vooral de groei van het luchtvaartverkeer, maakten het makkelijk om koi te vervoeren. Al snel raakte men in andere delen van de wereld in de ban van deze prachtige vissen, met name in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk.Vanaf het moment dat men nishikigoi ging kweken, werd er veel tijd en energie gestoken in het ontwikkelen van nieuwe variëteiten. In andere landen worden nu ook koi gekweekt, maar Japan is daarin nog steeds de nummer één van de wereld.

Grootte en levensduur:
Onder ideale omstandigheden kunnen koi in Japan wel 95 cm lang worden. Kwekers hebben inmiddels de magische grens van 1m. te bereiken. In Europa en Amerika komt men, als gevolg van gebrek aan ervaring ten opzichte van de Japanners, niet verder dan ongeveer 70 cm. Tijdens de laatste Japanse Koi show werd zelfs een Chagoi van maar liefst 135 cm getoond.

De levensduur van een koi is van veel factoren afhankelijk, zoals de waterkwaliteit, temperatuur, soort voedsel en algemene levensomstandigheden. De legende bestaat van Hanako, een 200 jaar oude koi uit Japan, maar waarschijnlijk is het ook niet meer dan een legende. De leeftijd van 60 jaar moet zeker te halen zijn, onder ideale omstandigheden wel te verstaan.


Japan telt over een lengte van 4.000km bijna 4.000 eilanden, waarvan er vier de grootste en belangrijkste zijn: Honshu (het hoofdeiland met steden als Tokyo, Kyoto, Osaka, Kobe en Hiroshima), Hokkaido in het noorden (met Sapporo), Kyushu in het westen (met Oita, Herado, Nagasaki en Fukuoka) en Shikoku, het grote eiland zuidelijk van Hiroshima (met Takamatsu, Matsuyama en Kochi). Shikoku en Honshu zijn van elkaar gescheiden door de Setonaikai (de Japanse Binnenzee).
De totale oppervlakte van Japan bedraagt ong. 377.800 km², voor 120 miljoen inwoners. Dit levert een bevolkingsdichtheid van rond de 330 personen per vierkante kilometer. Dit is vergelijkbaar met Nederland en België maar in werkelijkheid ligt dit getal in sommige streken van Japan veel hoger omdat 80% van het land onbewoonbaar is door bergen en bergachtig terrein. Veel mensen wonen in grote steden als Osaka, Nagoya en Tokyo. In Tokyo woont maar liefst één tiende van de totale bevolking of 12 miljoen inwoners.
Niiagata ligt in de Chubu Regio in het Noordwesten van Japan. De Chubu Regio telt 9 prefecturen waarvan voor koiliefhebbers de Niiagata prefectuur de allerbelangrijkste is. De hoofdstad van de Niiagata prefectuur is Niiagata City, welke ook wel eens de 'Water City Niiagata' word genoemd.

Historie na wat research door Jaap Bakker (Japebak)
Koi is maar een naam, maar na wat research kom ik tot de volgende historie:

Goior
Goior (karpers) komen niet uit Japan, maar naar men gelooft uit oost Azie. De eerste geschriften waar de karper in genoemd werd kwam uit china. Bovendien zijn er in China karper fossielen gevonden van 20.000 jaar oud. Het is niet zeker wanneer de karper in Japan geïntroduceerd werd, maar de Japanse Keizer Keiko (71-130 n Chr.) amuseerde zich volgens geschriften met het vrijlaten van karpers in een vijver te Kukui-No-Miya in de Mino provincie. In het jaar 200 werd voor het eerst beschreven dat de Japanse Keizer een karper in gevangenschap had (welke Keizer heb ik niet kunnen achterhalen, maar wat een Keizer in zijn kop heeft, heeft hij niet in zijn kont, dus misschien betreft het ook hier wel Keizer Keiko.).

De gekleurde karper werd voor het eerst beschreven als met wit, rood, zwart en of blauw in China tijdens de Chin Dynasty, (d.d. 265-316). Wat er met de karper gebeurde tussen de 2e en de 17e eeuw is nog onduidelijk, maar veel vermoedelijk koi varianten kwamen nadien van uit het middenoosten.

Tussen 1820-1830 starten in prefectuur(soort provincie) Niigata, rijstverbouwende boeren in Japan, Magoi(zwarte voorouder-koi) kwekerijen (als voedselvoorziening in de winter). Dit deden ze in de mudponds die zij gebruikte om de akkers van water te voorzien. Z0'n 200 jaar geleden, ontdekte 1 van de boeren een Goior met wat rood (Hi-Goior) en de boeren besloten ze apart te houden. Eerst als huisdier, wat meerdere kwekers met afwijkende Goior deden. Zo ontstond bijvoorbeeld de Asagi en utsuri. In 1890 kocht Kunzio Hiroi uit het dorp Utogi een vrouwtje met een rood hoofd en paarde deze met zijn Sakurakana (witte vis met kleine rode aftekeningen)De jongen bleken wit te zijn met rode aftekeningen over het gehele lichaam.

De eerste Kohaku was gekweekt. De interesse nam toe en meer varianten werden gekweekt. In 1914 werden de meest prachtige variaties in Tokyo geëxposeerd en kreeg kroonprins Hiro-hito er een paar aangeboden. De Taisho sanke kwam in het Taisho tijdperk 1912-1926 (regeerperiodeYoshi-hito)en de Showa of Showa Sanshoku werd gestabiliseerd als variëteit rond 1927 (het Showa keizer tijdperk van Hiro-Hito) deze drie behoorde tot de bloedlijn genoemd naar de drie belangrijkste voorouderlijke Keizerlijke geslachten uit de Edo-periode, de "Gosanke".

De Nishikigoi (gekleurde karper), zoals de Japanners de koi noemen('Nishiki' betekent 'kleurig kleed' en 'goi' komt van 'goior' wat karper betekent.), is inmiddels de nationale vis van Japan geworden. Vele variëteiten die nu erkend zijn, werden rond 1930-1940 gekweekt en er komen nog steeds nieuwe vormen bij. In Europa ontstond een mutatie met vrij weinig, grote, glanzende schubben. Deze spiegelkarper werd van Duitsland naar Japan gebracht, waar hij gekruist en uiteindelijk als eigen soort (de Doitsu koi) erkend werd.
Het is echter wel mogelijk dat afstammelingen van de ene variëteit weer behoren tot een andere variëteit en er komen nog steeds nieuwe variëteiten bij, onder te verdelen op basis van eigenschappen, zoals kleur, tekening, schubben en glans.