Auteur : Eric Buedts Bron : Vijvers & Koi Koieagle is niet aansprakelijk voor behandelingen.
Nematoden Nematoden rond- of draadwormen
Indeling en classificatie
Stam: Ronde wormen (Nemathelminthes)
Klasse: Nematodes (Draadwormen)
Van de meer dan 9.000 of meer gekende soorten, zijn er daarvan 600 bekend als darm- of orgaanparasieten bij zowel zout- als zoetwatervissen. Ze hebben een verschillend geslacht, ze zijn mannelijke en vrouwelijke exemplaren.
Ze behoren tot de stam der Nemathelminthes (gr. Nèma. gen. nèmatos = draad; helmis = worm). Er zijn vrij levende en parasitaire vormen bekend. De wormen veroorzaken zowel in de vorm als larve als in het volwassen stadium ernstige ontstekingen van de inwendige organen. Daardoor wordt de werking verstoord en zal er weefseldegeneratie optreedt met als het gevolg, sterfte. De draadwormen zijn niet gesegmenteerd (verdeeld) en zijn ongepigmenteerd, en dat in tegenstelling tot andere wormen, en in het bezit van een mond en aarsopening. De grootte kan variëren van enkele centimeters tot enkele micrometers. In volwassen toestand zijn het dunne, ongelede slangvormige dieren met een vrijwel ronde dwarsdoorsnede. Tijdens hun ontwikkeling verwisselen ze van gastheer.
Volwassen wormen vinden we in de darm, waar ze ernstige schade toebrengen indien ze groot en talrijk zijn. In een jonger stadium vinden we ze in de lever, op de huid en op de vinnen. In het jonge stadium is er een compromis tussen de worm en de gastheer. Er gebeurt dan het volgende, een wederzijdse aanpassing van de gastheer en de parasiet, zodat er weinig schade aan de vis wordt aangericht. De wormen zijn dan ingekapseld. De cysten zijn zelden groter dan een speldenknop. Indien ze slecht ingekapseld zijn, worden de dode larven door de gastheer afgebroken wat dodelijke vergiftigingen door aan-het-lichaam-vreemde-eiwitten kan veroorzaken.
De bekendste soorten voor de liefhebber zijn de Capillaria , de Camallanus of ook wel freeskopworm genoemd en de Spirurina-soorten, die echter geen tussengastheer hebben. De infectie van vis op vis is bij deze soorten dus mogelijk.
In het begin vermageren de vissen erg, niet tegenstaande een goede eetlust. Nadien is er verzwakking door de opgelopen wonden of kwetsuren, met een secundaire bacteriële infectie van de darm. Dikwijls is er ook een Spironucleus-infectie, waardoor Spironucleus doordringt tot lichaamsholte in de darmen, die zich gemakkelijker kan uitbreiden door de schade die de wormen veroorzaken. Nadien worden de vissen lusteloos, vertonen uitputtingsverschijnselen en hebben geen eetlust meer. Ze kleuren donker en soms is er schubbenruigheid. Secundaire bacteriële infecties en rode huidplekken volgen. De ontlasting is wit en slijmerig met de kenmerkende eieren. Bij Capillaria een infectie krijg je op het uiteinde 'champagne kurk'achtige eieren. De vissen schuren met de buik over de bodem en trillen over hun hele lichaam.
Tot op heden komt deze visziekte niet veel voor bij koud water vissen, maar meer bij warm water vis soorten. Toch zijn er al gevallen bij Koi bekend. En dit komt doordat er soms levend voer aan Koi wordt gegeven. Beter zou zijn het levend voer in de diepvriezer te houden bij -20°C. Zo worden de parasieten gedood
Capillaria vinden we veel bij Pterophyllum scalare (warm water vissoort) en discussen, terwijl we Camallanus meer bij de levendbarende tandkarpers kunnen vinden.
Soorten
Camallanus
Capillaria
Dit is een artikel van derden. Koieagle alle rechten voorbehouden