Auteur : John Bean. Bewerkt en vertaald door Leontine Naber Bron : Vijvers & Koi
Het zit in het bloed. Het presenteren van een koi in een show kan een climax zijn van jaren proberen en geduld van veel teleurstellingen en een of een paar momenten van glorie. Aan de andere kant is het heel goed mogelijk dat vissen die ingezet worden in een show vers uit Japan komen, ingekocht voor het evenement. Koi zien er niet heel hun leven hetzelfde uit. Een gedeelte van het koigeluk van de koihobbyist bestaat dan ook uit het selecteren van de juiste koi om deze verder te laten groeien en ontwikkelen om uiteindelijk in te zetten in een koishow.
Als het ware: de koi is uitontwikkeld en bevind zich nu aan de top van wat de vis kan bereiken. Oftewel de vis is klaar. Dit geldt vooral voor grote koi. Kleinere koi die worden tentoongesteld zijn meestal al helemaal af. Logisch want een koi wordt beoordeeld op hoe die er op het moment van de show uitziet en niet op wat die koi kan worden over een paar jaar. Het gevolg van kleinere koi die al helemaal af zijn is, dat ze alleen maar lelijker kunnen worden naarmate ze groter worden. In het positiefste geval blijft de koi nog een jaar tot anderhalf jaar zijn topconditie of toppositie behouden. Grote koi die mooi blijven van kwaliteit zijn daarom ook moeilijker om te kweker. Maar soms houden kleine koi hun sublieme uiterlijk wat al af is, voor menig jaartje in hun volwassen leeftijd.â€Noot: Het kopen van de koi die kampioen is geworden in klasse 1 of 2 en waar een hobbyist veel geld voor over zou hebben kan dus leiden tot grote teleurstelling een jaar naar aanschaf wanneer de koi qua patroon en kleur uitontwikkeld is, maar wel doorgroeit. Resultaat een dure koi aangeschaft die eigenlijk alleen maar groter en lelijker wordt. Vandaar dat er dus verschillende klassen bestaan en dat de uiteindelijke winnaar uit de grootste klasse wordt gekozen. Het is veel moeilijker een mooie grote koi te hebben/laten opgroeien dan een visje van 20 cm wat op de top van zijn kunnen is.
LET WEL. Niet doorslaan naar de andere kant. Het kopen van een lelijke jonge vis biedt absoluut geen garantie dat die vis mooi wordt als die groot is. Enige kunst van selecteren komt dan natuurlijk wel om de hoek kijken.
LELIJKE EENDJE “Over het algemeen zijn koi die af zijn als ze al een respectabele lengte en leeftijd hebben bereikt, lelijke eendjes als ze jong zijn. Deze vissen moeten diverse stadia van verbetering doorlopen met terugval en verbetering totdat het punt is bereikt waarop de koi niet meer verder of mooier zal ontwikkelen. Maar hier in het westen hebben we niet het geduld of de benodigde kennis om zo een lelijk eendje uit te laten groeien tot een schitterende grote koi. Het heeft een mate van intuïtie en kennis nodig om de juiste jonge koi uit te zoeken maar veel belangrijker nog, kennis en ervaring om deze jonge vis op te laten groeien om zijn volle potentie waar te maken. Jonge koi met een grote toekomst worden vaak verpest door de manier waarop ze gehouden worden en soms heeft de vis zelf niet de capaciteit om te ontwikkelen zoals we zelf verwacht zouden hebben. In Japan wordt een jonge koi waarvan ze denken dat deze een veelbelovende toekomst heeft over het algemeen een tategoi genoemd. Dit betekend simpel uitgedrukt een koi welke beter kan worden. Het is dan eenvoudig te zien dat bloedlijnen en tategoi met elkaar verbonden zijn. Jammer genoeg zorgt de term tagegoi nogal voor wat verwarring en staat de term open voor misbruik.
â€Noot: Je Begrijpt natuurlijk dat een Japanner iets verder kijkt dan de letterlijke zin van het woord. Anders zou iedere koi die uit het ei komt een tategoi zijn.“
Om een individuele koi te beoordelen als tategoi houdt in, dat de persoon die het label van tategoi op deze vis plakt zelf de vis kan beoordelen op zijn toekomstige ontwikkeling. Deze kennis kun je eigenlijk alleen maar hebben als je de karakteristieken van de ouders kent en eerdere nakomelingen van deze ouderparen hebt zien opgroeien. Een jonge koi toont uiterlijke kenmerken van zichzelf wat een houvast is bij het selecteren. The primaire aspecten zoals lichaamsbouw en patroon is meestal wel wat je ziet is wat je krijgt. Het is vanzelfsprekend dat een zeer goede kennis van de variëteit zelf nodig is om een kampioen in spe te beoordelen.
â€Noot: Een meer voor de hand liggend voorbeeld. Honden hebben een stamboom. Karakteristieken over het exterieur (lichaamsbouw) maar ook het karakter en de prestaties van een hond staan weergegeven. Een passend vrouwtje wordt voor een mannetje gezocht om zo pups te krijgen waarvan men denkt dat ze een bepaalde lichaamsbouw, karkater, werkdrift etc. zullen hebben en ten grondslag ligt. E.e. a. heeft natuurlijk te maken met de manier waarop de hond wordt gehouden en wordt getraind (de hond wordt gemanipuleerd het beste uit zichzelf te geven).
Zonder de kennis van de ouders van de pups kunnen we een pup selecteren op zijn uiterlijk en zijn schattige koppie. Maar wat deze hond in zijn mars heeft en wat voor aanleg een karkater die pup heeft weten we niet. Weten we meer over de ouders van de pups dan wordt het selecteren van een pup, tussen verschillende nesten al een stuk makkelijker, zeker als we weten wat we willen van de hond. Nu kopen heel veel koihobbyisten koi die duurder zijn dan menige pup. Bij pups is het vanzelfsprekend dat we de afstamming kennen en bij koi malen we er niet om, maar we zijn wel teleurgesteld als die koi niet doet wat we ervan verwacht hadden.“Hetzelfde geld dus voor koi. Echter een ouderpaar koi krijgt veel meer nakomelingen en het is natuurlijk veel moeilijker om een goede jonge koi uit te zoeken dan een goede jonge pup. De karakteristieken van de ouders zijn overerfbaar en daarom is de kennis van de ouders een essentieel element om de toekomst van een koi te kunnen bepalen en om een koi de term tategoi mee te geven. We noemen de overerfbare karakteristieken de bloedlijn. De huidige Japanse bloedlijnen zijn het resultaat van meer dan 100 jaar vakmanschap.
Noot: De ouderparen van betreffende bloedlijnen krijgen dus niet alleen goede koi met een veelbelovende toekomst, maar zijn ook de levensgevers van de middelmatige en slechte koi. Het is aan de kweker zelf het kaf van het koren te scheiden. Een patroon van een koi is niet overerfelijk. Er zijn dus geen ouderparen die bijvoorbeeld heel veel Tancho's voorbrengen.
Tancho's zijn schaars. Ten eerste omdat dat specifieke patroon niet heel veel voorkomt en ten tweede omdat er veel vraag naar is. Alles wat maar een rode vlek op de kop heeft rond of niet rond, van goede kwaliteit of van veel mindere kwaliteit wordt verkocht, puur omdat de vraag zo groot is. En een product wat schaars is is duur. Zo werkt het marktmechanisme. De kans dat je een Tancho koop van mindere kwaliteit is dus gewoon een reële zaak. Als je op een gegeven moment een bassin ziet met bijvoorbeeld allemaal Menkaburi kohaku of Maruten Sanke of allemaal Kuchi Beni Kohaku dan zegt dat vrij weinig over de bloedlijn. Dit zegt meer over de persoonlijke voorkeur van de Japanse kweker die mede op patroon heeft geselecteerd alsmede over de smaak van de inkoper bij de Japanse kweker.
HET KIEZEN VAN OUDERPAREN Het is niet vanzelfsprekend dat als je een knap mannetje en vrouwtje met elkaar kruist, dat daar dan ook knappe nakomelingen van komen. Het koppelen van een mannetje aan een vrouwtje vind vaak plaats door intuïtie, ervaring en simpelweg gewoon proberen. Het is bijvoorbeeld mogelijk een schitterende Sanke te kruisen met een Shiro Bekko (Sanke zonder rood) of met een Shiro Muji (hele witte niet metallieke vis) waarbij nakomelingen de potentie hebben werkelijke kampioenen te worden. Een goed ouderpaar kan goede nakomelingen voorbrengen. Maar let wel dit zelfde ouderpaar levert ook waardeloze nakomelingen op. Het is altijd maar een bepaald percentage wat door kan gaan als redelijke kwaliteit. Een nog kleiner percentage kan doorgaan als goed, uitstekend en tategoi. Maar om dit te kunnen beoordelen moeten we dus wel de ouders van de kroost kennen om de kans beter te kunnen inschatten. Wij kunnen nu bijvoorbeeld niet weten dat een koi de eigenschap van zijn vader heeft geërfd en op latere leeftijd zijn rood te verliest.
Tja en het is toch frustrerend als je een paar jaar bezig bent een vis mooi op te laten groeien en dan binnen een paar weken al het rood en of zwart van bijvoorbeeld een Sanke af ziet vallen. Op zijn positiefst hou je dan een Shiro Bekko over maar met een beetje pech het je een Shiro Muji in de vijver rond zwemmen. Het zelfde geld voor bijvoorbeeld een Kohaku. Je denkt een mooie jonge Kohaku gekocht te hebben en een jaar of twee jaar laten krijgt die kohaku kleine zwarte vlekjes. Wat blijkt, je hebt een Kohaku uit een Sanke bloedlijn gekocht waarbij het zwart pas op latere leeftijd goed doorkomt. Tja beide voorbeelden zijn teleurstellend.Om dus te kunnen beoordelen of een jonge koi de potentie heeft om hem als tategoi te bestempelen, moet er dus de kennis aanwezig zijn over het ouderpaar van de jonge vis en moet er ervaring zijn geweest met eerdere nakomelingen van hetzelfde ouderpaar. Daarom is het onmogelijk dat een niet kweker zijn vissen bestempeld als tategoi, daar alleen de kweker bekend is met de ouderparen die hij angstvallig geheim zal houden.
HET HERKENNEN VAN DE BLOEDLIJNEN. Veel oude bloedlijnen zijn gekruist met de vissen van de modernere Japanse kwekers. Het is dus ontzettend moeilijk, zo niet onmogelijk nu nog oude bloedlijnen te herkennen in de moderne koi. Toch zijn er nog wel duidelijk eigenschappen van een bloedlijn terug te vinden, zoals bijvoorbeeld de vorm van het hoofd en de kaaklijn, maar ook de textuur en dichtheid van de kleuren en dan vooral het zwart. Jinbei is een voorbeeld van een oudere Sanke bloedlijn die nog levendig aanwezig is en goed te herkennen. Een van de modernere bloedlijnen (die in Japan niet eens als echte bloedlijnen worden beschouwd omdat ze daar nog te jong voor zijn) is Matsunosuke.
Sakai is bekend geworden met deze bloedlijn. Hij heeft als eerste weer de Magoi teruggebracht in de bloedlijn waardoor de nakomelingen meer eigenschappen krijgen van de wilde karper qua lengte, body en gezondheid. De kenmerken van deze bloedlijn zijn goed terug te traceren in de nakomelingen van deze bloedlijn. Het is natuurlijk ook handig om te weten welke kwekers met welke bloedlijnen kweken. Een bloedlijn moet zuiver zijn en zo ver terug te volgen zijn zodat men zeker weet dat een nakomeling van deze bloedlijn niet opeens shimies krijgt of zijn kleur verliest door een of andere verwante oud oud oud oom die de bloedlijn heeft vervuild. De ver verwante oom is in het verleden dan ingezet om vers bloed in te brengen en zo zwakte door inteelt te voorkomen.
â€Noot: Een van de meest herkenbare bloedlijnen voor hobbyisten is de Dainichi bloedlijn. Let wel niet alle vissen van de kweker Dainichi komen hebben deze bloedlijn. De typische diepe en aparte kleur rood valt direct op. Vaak hoor je over Ogata koi. Veel mensen willen alleen maar Ogata koi, want dat zouden de beste zijn. Nu ga ik hier vertellen dat Ogata geen bloedlijn is. Ogata koopt koi op van allerlei kwekers en verkoopt het onder de vlag Ogata koi. Het is dus eigenlijk een allegaartje. Ogata koi kunnen dus per definitie geen tategoi zijn omdat de dealer in Nederland absoluut geen idee heeft wie de kweker is. Een andere herkenbare bloedlijn is de bloedlijn(en) die Fujio Oomo gebruikt voor het kweken van zijn Showa en waar hij dan ook bekend om staat. Een Showa van Oomo haal je er al snel uit al moet je wat verder zijn in de hobby om deze vissen te kunnen waarderen. Fujio Oomo kweekt deze koi zelf. Echter Fujio Oomo verkoopt ook vissen die hij zelf niet heeft gekweekt.
LELIJKE EENDJES In West Europa wordt niet veel aandacht geschonken aan het begrijpen van bloedlijnen, wat bepaalde karakteristieken zijn en wat het effect van een bloedlijn is tijdens het opgroeien en de ontwikkeling van jonge koi. Ik heb nog nooit een koi gezien met een 12 maanden risico garantie. Als deze garantie er was dan zouden de prijzen van koi veel hoger liggen. Maar een groot gedeelte van de hobby is ook het aangaan van de uitdaging kleine koi groot te laten worden volgens de verwachting die we ervan hadden. Overigens kan dit ook tot grote frustratie leiden. Het is ontzettend moeilijk goede kwaliteit koi te kweken van erkende variëteiten en Go Sanke is nog wel het moeilijkst. Er bestaat altijd een risico bij het aanschaffen van jonge koi, ongeacht wat die koi gekost heeft, maar door het herkennen van kwaliteit en bloedlijnen worden de risico's minder. Een respectabele dealer moet je toch enigszins kunnen vertellen wat er van een jonge koi verwacht mag worden en je enig inzicht geven in wat die koi gaat doen in de toekomst. Het is wijs koi aan te schaffen van maar een paar kwekers en een paar bloedlijnen welke aansluiten bij je eigen smaak. Je gaat dan leren van je eigen ervaringen.
Op een gegeven moment weet je wat je mag verwachten bij die speciale bloedlijn en ga je anders kijken bij het selecteren van koi. Je hebt dan immers al koi grootgebracht van diezelfde bloedlijn en weet wat je kunt verwachten.â€Noot: nu komen we bij toch wel een probleem als je meer achtergronden zou willen hebben omtrent bloedlijnen. De meeste dealers in Nederland, Duitsland en België hebben zelf ook absoluut geen idee van bloedlijnen of de karakteristieken ervan. Enige kennis hiervan dus doorgeven op de hobbyist wordt een precaire zaak. Alleen de dealers die zelf hun koi uitzoeken in Japan (en dat zijn er minder dan je denkt) kunnen in theorie deze kennis in huis hebben. De praktijk wijst dan vaak nog anders uit.
“De mogelijkheden een jonge koi te verpesten zijn legio. Echter er zijn hobbyisten die het lukt lelijke eendjes van 20 cm op te laten groeien tot zwanen van 60 centimeter plus. Er zijn heel veel goedkope koi te koop maar ook veel dure. Wanneer een goedkope koi het beter doet dan we verwacht hadden rennen we niet naar de dealer om hem geld te geven omdat we de koi te goedkoop gekocht hebben. Verwacht dan niet van een dealer dat die je geld teruggeeft als een koi niet doet wat je ervan verwacht of als je er zelf een puinhoop van gemaakt hebt. Het is nu eenmaal het risico van het vak. Echter het herkennen en begrijpen van bloedlijnen kunnen de kansen vergroten een lelijk eendje op te laten groeien tot een prachtige zwaan.
Dit is een artikel van derden Koieagle alle rechten voorbehouden.